Edwin Bakker

Financieel strategisch adviseur

MIJN Nieuwsbrief nr. 2 - oktober 2026

(Update t/m 4 november 2026)

VAN PRINSJESDAG NAAR DE FISCALE ACTUALITEIT 

 

Na de Prinsjesdag-special van september kijken we in deze editie naar fiscale ontwikkelingen die in oktober en de eerste dagen van november volop in beweging waren. Wat betekenen de plannen voor werkenden, werkgevers en ondernemers? We zetten de belangrijkste onderwerpen en aandachtspunten op een rij.

 

BELASTINGPLAN 2027: DE POLITIEKE ONTWIKKELINGEN EN AANPASSINGEN, WIE GAAT DE REKENING BETALEN?

 

Na intensieve onderhandelingen met oppositiepartijen heeft het kabinet-Jetten het Belastingplan 2027 opnieuw aangepast. Het kabinet probeert hiermee voldoende steun te krijgen voor het belastingpakket. Volgens premier Jetten is het koopkrachtpakket met € 1,5 miljard verbeterd ten opzichte van de voorstellen op Prinsjesdag.

 

Een belangrijke wijziging is dat de vrijheidsbijdrage voor 2027 door aanvullende koopkrachtmaatregelen effectief teniet wordt gedaan. Hiervoor wordt € 347 miljoen extra beschikbaar gesteld. De dekking wordt onder meer gezocht in fiscale regelingen voor bedrijven en particulieren. Het kabinet wil hierover in het voorjaar met nadere voorstellen komen.

 

Ook de voorgenomen btw-verhoging op sierteeltproducten van 9% naar 21% wordt uitgesteld. De maatregel wordt uit het Belastingplan 2027 gehaald en de besluitvorming doorgeschoven naar het Belastingplan 2028.

 

Verder blijft de aftrek voor specifieke zorgkosten bestaan, maar wordt deze vanaf 2028 gerichter ingezet voor mensen met chronische ziekten of een beperking en hoge zorgkosten. De regeling wordt wel versoberd.

 

De invoering van het nieuwe box 3-stelsel wordt naar verwachting uitgesteld tot 2029. Het kabinet houdt de mogelijkheid open om de invoering alsnog in 2028 te laten plaatsvinden als dit na overleg met banken uitvoerbaar blijkt. Voor de financiering worden onder meer de box 2-tarieven tijdelijk verlaagd en wordt de grens voor excessief lenen bij de eigen bv stapsgewijs verlaagd.

 

Wat betekent dit in de praktijk?

De fiscale plannen voor 2027 zijn nog volop in beweging. Vooral voor ondernemers, dga’s en particulieren met vermogen kunnen de voorgestelde wijzigingen gevolgen hebben. Houd daarom bij financiële en fiscale planning rekening met de aangepaste voorstellen, maar maak onderscheid tussen aangekondigde maatregelen en definitief aangenomen wetgeving. De parlementaire behandeling is nog niet afgerond en de steun voor het belastingpakket is nog onzeker.

 

BOX 3: UITSTEL EN UITBREIDING VERMOGENSWINSTBELASTING NAAR FINANCIËLE INSTRUMENTEN

 

Op 3 november 2026 heeft het kabinet een novelle ingediend waarmee de vermogenswinstbelasting in box 3 wordt uitgebreid naar vrijwel alle financiële instrumenten. Het gaat onder meer om aandelen, obligaties, opties, futures en swaps. Hierdoor zal naar verwachting ongeveer 90% van het box 3-vermogen met waardeontwikkeling onder de vermogenswinstbelasting vallen.

 

Waardestijgingen worden bij deze systematiek pas belast wanneer ze daadwerkelijk worden gerealiseerd, bijvoorbeeld bij verkoop. Rente en dividend blijven jaarlijks belast. Voor bestaande financiële instrumenten geldt de waarde in het economische verkeer op 1 januari 2029 als verkrijgingsprijs. Waardestijgingen van vóór die datum blijven daardoor buiten de heffing.

 

Banktegoeden, directe cryptobeleggingen en bepaalde andere vermogensbestanddelen blijven voorlopig onder de vermogensaanwasbelasting vallen.

 

Wat betekent dit in de praktijk?

Het kabinet stelt voor het nieuwe box 3-stelsel per 1 januari 2029 in te voeren. De parlementaire behandeling moet nog plaatsvinden. De Raad van State heeft vanwege uitvoeringsproblemen geadviseerd de invoering uit te stellen tot 2030. De definitieve ingangsdatum staat dus nog niet vast.

 

AFTREK SPECIFIEKE ZORGKOSTEN: REGELING BLIJFT, MAAR WORDT VERSOBERD

 

Het kabinet ziet af van de voorgenomen afschaffing van de aftrek specifieke zorgkosten (ASZ). Vanaf 1 januari 2028 blijft de regeling bestaan, maar wordt deze gerichter ingezet voor mensen met een chronische ziekte of beperking en hoge, terugkerende zorgkosten.

 

Een aantal uitgaven komt niet langer voor aftrek in aanmerking. Het gaat onder meer om tandartskosten, steunzolen, (reis)vaccinaties en kosten voor alternatieve geneeswijzen, zoals behandelingen door een osteopaat of chiropractor. Ook de inkomensafhankelijke drempels worden verhoogd: de lage drempel van 1,65% naar 1,7% en de hoge drempel van 5,75% naar 6,5%.

 

Wat betekent dit in de praktijk?

De aftrek blijft beschikbaar voor onder meer niet-vergoede voorgeschreven medicijnen, vervoerskosten, dieetkosten en extra kosten voor kleding en beddengoed. Door de hogere drempels en het vervallen van bepaalde kostensoorten kan de aftrek voor veel belastingplichtigen echter lager uitvallen. Vooral mensen met chronische gezondheidsproblemen moeten hun aftrekbare uitgaven opnieuw beoordelen.

 

OVERIGE FISCALE ACTUALITEITEN

 

Fiscale Verzamelwet 2027 aangenomen

De Eerste Kamer heeft de Fiscale Verzamelwet 2027 op 27 oktober aangenomen. De wet bevat uiteenlopende wijzigingen, onder meer rond pensioen en lijfrente, de kwijtscheldingswinstvrijstelling, de WBSO en de motorrijtuigenbelasting.

 

Praktisch: niet iedere wijziging raakt iedere ondernemer. Kijk vooral welke maatregel past bij jouw onderneming of persoonlijke situatie en controleer de voorwaarden en ingangsdatum.

 

PERSONEELSKORTING: BLIJFT DE FISCALE VRIJSTELLING BESTAAN?

 

Het kabinet heeft voorgesteld de bestaande fiscale vrijstelling voor personeelskortingen te beëindigen. Onder de huidige regeling kan korting op branche-eigen producten onder voorwaarden belastingvrij blijven, tot maximaal 20% korting en € 500 per jaar.

 

Als het voorstel doorgaat, zou de korting alleen nog onbelast kunnen blijven voor zover er ruimte is binnen de vrije ruimte van de werkkostenregeling (WKR). Bij overschrijding kan de werkgever met een eindheffing te maken krijgen.

 

Praktisch aandachtspunt voor werkgevers:

Breng in kaart hoe personeelskortingen nu worden toegepast en hoeveel WKR-ruimte al wordt gebruikt voor andere vergoedingen en personeelsactiviteiten. Zo kun je inschatten wat een eventuele wijziging zou betekenen. Het betreft een voorstel; controleer vóór toepassing de actuele stand.

 

WTTA: OOK RELEVANT VOOR ONDERNEMERS DIE PERSONEEL UITLENEN

 

De Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten (Wtta) introduceert een toelatingsstelsel voor ondernemingen die arbeidskrachten ter beschikking stellen. Niet alleen de naam of rechtsvorm telt: vooral de feitelijke manier waarop mensen worden ingezet, is van belang.

 

Ook een zzp’er of directeur-grootaandeelhouder kan met de regels te maken krijgen als personeel in de praktijk onder leiding en toezicht van een opdrachtgever werkt. Dat betekent niet dat iedere zzp’er of dga automatisch een toelating nodig heeft.

 

Praktisch aandachtspunt:

Breng in kaart of je onderneming arbeidskrachten ter beschikking stelt aan andere bedrijven. Kijk daarbij niet alleen naar jouw bedrijfsactiviteiten of contracten, maar vooral naar de feitelijke werkwijze: wie geeft leiding en houdt toezicht? Ook bij detachering, consultancy en bepaalde zzp- of DGA-constructies kan de Wtta relevant zijn.

 

Valt jouw onderneming onder de regeling van de Wtta? Controleer dan tijdig de toelatingsplicht en eventuele uitzonderingen. Bestaande uitleners kunnen zich tot en met 31 december 2026 aanmelden voor de overgangsregeling. Vervolgens moet tussen 1 mei en 30 juni 2027 een aanvraag voor toelating of ontheffing worden ingediend.

 

PENSIOEN IN EIGEN BEHEER: MOGELIJK NAAR EEN LIJFRENTE

 

Het kabinet is bereid te onderzoeken of vanaf 2028 een wettelijke regeling mogelijk is waarmee pensioenvermogen uit een eigenbeheer-BV fiscaal geruisloos kan worden afgestort naar een lijfrenteproduct. Daarmee zou het mogelijk worden de pensioen-BV vervolgens te liquideren. Het gaat nadrukkelijk nog om een beleidsvoornemen; de huidige regels staan een rechtstreekse overdracht van pensioen in eigen beheer naar een lijfrente niet zonder fiscale gevolgen toe.

 

Praktisch: Heb je nog pensioen in eigen beheer? Ga er dan niet van uit dat overdracht naar een lijfrente zonder fiscale gevolgen mogelijk is. Wacht op duidelijkheid over eventuele nieuwe wetgeving en laat de bestaande pensioenregeling en de mogelijke gevolgen vooraf beoordelen.

 

STARTERSAFTREK EN INNOVATIEBOX: WIJZIGINGEN IN BEELD

 

Het kabinet stelt voor de startersaftrek in 2027 te verlagen van € 2.123 naar € 10 en deze regeling vanaf 2028 volledig af te schaffen. Ook de innovatiebox staat in de belangstelling. Het kabinet wil de forfaitaire regeling voor het mkb verruimen, waarbij het maximale forfaitaire bedrag stijgt van € 25.000 naar € 100.000. De voorgestelde verruiming moet nog worden beoordeeld in het licht van Europese regels.

 

Praktisch: Houd bij financiële planning en investeringsbeslissingen rekening met deze voorstellen, maar ga niet zonder meer uit van de huidige fiscale voordelen of van de voorgestelde wijzigingen. Controleer de definitieve wetgeving en de toepasselijke voorwaarden.

 

PAPIEREN SCHENKING EN BOX 3: ONDERWERP VAN ONDERZOEK

 

De Tweede Kamer wil dat het kabinet onderzoekt of het fiscale voordeel van papieren schenkingen kan worden beperkt. De mogelijke opbrengst zou kunnen bijdragen aan de financiering van het nieuwe box 3-stelsel. Er is nog geen besluit genomen om de huidige fiscale regels aan te passen.

 

Praktisch: Wie een papieren schenking overweegt, doet er goed aan de bestaande afspraken en de actuele fiscale gevolgen zorgvuldig te beoordelen.

Professioneel in het werk & ontspannen in de samenwerking!

Scroll naar boven